Pasmans Privé
DE ACTEURS
De flikken: Sheriff Doesjka, Kolonel Sofie, Commissaris Dylan, Sergeant Lionel
De brave bandiet: Mark Pas -oeps- Tijsmans
In een vlam-in-de-pijp-vlammende achtervolgingsstijl slaan Sofie, Doesjka, Lionel en Dylan van de yeti-klas hun brave bandiet - zonder bloed- of zweetvergieten - in de boeien. In de ondervraagkamer van de Gentse Flikken schijnt een stoute lamp in zijn vragende ogen. Yeti presenteert: één Mark Tijsmans, alias Pasmans, vier Yeti-Flikken en tien vragen.
10 VRAGEN, 0 GEHEIMEN
Lionel 01: Wat is je geheim?
Mark: Ik hou niet geheim dat ik homo ben. Toen ik zestien was heb ik het aan mijn familie verteld. Voor de media heb ik het ook nooit geheim gehouden. Ik spendeer veel tijd met tieners om erover te vertellen. Ik probeer me zo normaal mogelijk te gedragen. Als jij een vriendinnetje hebt praat je daar toch ook niet steeds over tegen iedereen.
Doesjka 02: Speelde je vroeger met poppen of deed je meisjesachtig?
Mark: Ik heb twee zussen en twee broers. Er waren wel poppen in huis, maar het enige wat ik daarmee deed was ze verstoppen en er af en toe mee gooien om mijn zussen te pesten. Ik denk wel dat ik toen al verliefd werd op jongens. Je hebt dat zelf niet altijd door. Pff, dat is echt moeilijk om uit te leggen. (denkt na) Kan jij verliefdheid uitleggen?
Dylan 03: Wat vind je eigenlijk van homo's die overdreven meisjesachtig doen?
Mark: Ik vind het zelf raar. Om eerlijk te zijn vind ik het jeanetten. Maar ik ken er een paar en eigenlijk zijn dat heel sympathieke mensen.
Sofie 04: Werd je vroeger op school niet uitgelachen door de andere kinderen?
Mark: In de lagere school had ik daar helemaal geen last van. Maar tijdens de eerste jaren van het middelbaar pestten mijn klasgenoten me wel eens, maar niet omdat ik homo ben. Ik zat toen in een klas waarvan er zeven leerlingen al voor een tweede of derde keer dubbelden. Zij waren veel groter dan ik en bovendien had ik last van bedplassen. In de laatste jaren had ik het dan weer erg naar mijn zin op school. Toen wisten de meeste van mijn klasgenoten ook dat ik homo was.
Sofie 05: Was je ooit al eens verliefd op een meisje?
Mark: Er is één meisje waar ik echt verliefd op was. Mocht ik geen homo zijn dan waren we waarschijnlijk al lang getrouwd en hadden we wel tien kinderen. Er is namelijk een tijd dat je ontkent dat je homo bent en dan begin je iets met een meisje om aan je omgeving te laten zien dat je géén homo bent. Maar na een tijdje moest ik daar toch mee ophouden want ik was niet eerlijk tegenover mezelf.
Dylan 06: Heb je het gemakkelijker omdat je bekend bent, denk je?
Mark: Misschien wel. Vooral omdat ik artistiek bezig ben. Niet dat er meer homo's acteur worden of zo. Als artiest ben je meer met je gevoelens bezig. Wij praten sneller over onze gevoelens. In het leger bijvoorbeeld zal dat moeilijker zijn omdat dat een machowereld is.
Lionel 07: Wat vinden je collega's ervan?
Mark: Mijn collega's hebben daar helemaal geen probleem mee. In de musical Romeo en Julia denk ik dat er meer homo's en lesbiennes acteren dan hetero's. Het is ook niet zo dat wij daarover de hele tijd zitten te praten.
Sofie 08: Durf jij je vriend kussen in het openbaar?
Mark: Ik durf dat wel, maar ik wil dat niet. Ik vind dat iets privé. Dat twaalfjarigen zitten te kussen op een bank en te knuffelen vind ik allemaal heel fijn. Maar iemand van mijn leeftijd? Dat vind ik niet tof. Op die leeftijd heb je meestal al een huis of een appartement en kan je die dingen daar doen.
Doesjka 09: Stel dat je vriend het uitmaakt, blijf je dan homo?
Mark: Dat is een fantastische vraag. Hoe kom je daarbij? Ik ben niet meer bij mijn vriend, maar ik blijf wel homo.
Lionel 10: Woon je in een homobuurt?
Mark: Jij dacht dat alle homo's samenleven op één appartement? Nee hoor, ik denk zelfs dat een homobuurt niet bestaat. Voor jonge homo's kan een homocafé wel een plaats zijn waar ze gemakkelijker vrienden maken. Maar ik woon in een heel gewone straat met heel veel jonge gezinnen en heel veel kinderen.
Bron: Klasse (januari 2003)