XL truth or dare: Mark Tijsmans
'Ik besef nog altijd dat ik een agent 'speel''
Het zat eraan te komen. Met onze malafide en uiterst criminele reeks 'de waarheid vertellen of durven doen' zijn we door de arm der wet opgepakt. In de verhoorkamer van een Gents 'Flikken'-bureau breekt agent Wilfried Pasmans ons boosaardig karakter tot er niets van over blijft. Snikkend geven we toe dat we nog nooit iemand tot een 'Dare' hebben kunnen bewegen. Dat vindt rasartiest en duizendpoot Mark Tijsmans prima!
Stel: de stad Gent heeft een vacature voor politiewoordvoerder en ze polsen JOU voor de job. Ze vinden dat jouw personage Wilfried Pasmans het imago over de stad ten goede komt en dat acteur Mark Tijsmans perfect past in het profiel. Je mag het loonbriefje zelf invullen. Doe je het?
Mark: (bedachtzaam) Hmm... Ik denk het niet. Ik zal u uitleggen waarom en dan spreek ik niet over Wilfried Pasmans maar over Mark Tijsmans. Die laatste is zeer goed in dingen die hij kan repeteren, maar in improvisatie - zowel op vlak van muziek, acteren als praten - ben ik niet zó heel goed. En ik denk dat een woordvoerder van eender wat, vooral daarin onderlegd moet zijn: in praten, in dingen zeggen die hij of zij eigenlijk niet honderd percent heeft kunnen voorbereiden.
Je bent al zes seizoenen 'flik'. Voel jij je intussen een beetje verwant met het beroep?
Mark: Niet zozeer met het beroep, wél met de mensen van de politie Gent. In die zes jaar heb ik vooral de mensen die het beroep uitoefenen beter leren kennen, maar het beroep zelf iets minder. Ikzelf blijf nog altijd beseffen dat ik een agent 'speel' maar dat ik geen agent 'ben'. Voor mij is er nog altijd een verschil, ja.
Toch is er vervaging tussen fictie en werkelijkheid. Ronald Reagan en Arnold Schwarzenegger bijvoorbeeld, helden van het witte doek of de tv, zijn ook in de realiteit 'helden' geworden.
Mark: Absoluut. Dat merk je ook wel aan de reacties van het publiek. Er is inderdaad een grote groep mensen - hoe groot die is, weet ik niet - die steeds minder het onderscheid kan maken tussen fictie en realiteit. Dat zie ik: ze kennen altijd de naam van het personage maar minder de naam van de acteur. Dat overkwam een collega-acteur uit 'Flikken' bij een botsing. Ze spreken hem aan om dat even mee te komen regelen, want hij is toch bij de politie… Daaraan merk je toch: oei! Dus ja, de grenzen tussen fictie en realiteit vervagen.
Zou een andere functie bij de politie je liggen?
Mark: Een andere functie dan die ik speel? Dat is een moeilijke vraag want politie beslaat zoveel natuurlijk. Als ik iets zou doen bij de politie, als mezelf dan, dan denk ik dat ik een soort van jeugdwerking, een sociale functie met jeugd wel zou zien zitten. Meer nog dan de echte actie op de straat. Ja, eerder het mensenwerk.
Je hebt al heel uiteenlopende rollen vertolkt, in musicals, op televisie, presentatie… Zat daar een rol bij die je in het dagelijkse leven wel zou willen of kunnen uitoefenen?
Mark: Als ik een rol moet kiezen die ik al gespeeld heb, zou ik met veel plezier terug Peter Pan willen zijn! (lacht) Daar zou ik direct voor tekenen. Nooit groot worden, vooral dat, en rondvliegen en als het mij niet zint, het boze, verwende nest uithangen… Dàt lijkt me erg fijn!
Bron: Het Laatste Nieuws (5 februari 2005)